Tallinn, Riga en Vilnjoes
De Baltische hoofdsteden mogen zich in een grote belangstelling verheugen. Toch is de kennis nog gering. In deze cursus ziet u duidelijk hoe elk van deze steden een uniek eigen karakter heeft: de Estse hoofdstad Tallinn draagt een voornamelijk middeleeuws karakter, terwijl het Letse Riga beroemd is om de art nouveau. Vilnjoes (Vilna) tenslotte, hoofdstad van het katholieke Litouwen, is een barokstad met een joods tintje. Cursus van drie lessen.

lees ook het artikel over Art Nouveau in Riga


Berlijn
Berlijn blijft een enorme aantrekkingskracht uitoefenen. Bezoekers blijven er terugkeren, omdat de stad continu in ontwikkeling is en er vandaag alweer anders uitziet dan gisteren.
Geen stad waarvan de onstuimige ontwikkeling zozeer met de geschiedenis is verbonden als Berlijn. Van middeleeuws stadje aan het armetierige riviertje de Spree werd Berlijn de hoofdstad van achtereenvolgens de keurvorsten van Brandenburg, de koningen van Pruisen, de keizers van Duitsland, de Weimar-republiek, het Derde Rijk, de DDR en de Bondsrepubliek.
Napoleon en Stalin veroverden de stad, maar ook Bach, Brecht en Liebermann. Grote vernielingen werden steevast gevolgd door grote vernieuwingen en behalve politieke hoofdstad is Berlijn met tussenpozen ook geregeld culturele hoofdstad geweest. Deze cursus geeft een uitgebreid overzicht van de politieke en culturele geschiedenis van Berlijn, van de barokpaleizen aan Unter den Linden tot de wolkenkrabbers aan het Potsdamer Platz. Cursus van drie tot zes lessen.

 

Saksen
Dresden is de barokstad van Duitsland. In 2006 bestaat de stad 800 jaar en dat wordt gevierd met de voltooiing van de Frauenkirche, die 50 jaar is blijven staan als monument voor de verwoesting van 1944. Toen viel de gehele stad ten offer aan een verwoestend bombardement met fosforbommen. In de DDR-tijd is een aantal paleizen, kerken en musea hersteld, maar sinds de hereniging is dat in een stroomversnelling geraakt: de beroemde Semperoper, het uitgebreide stadspaleis van de Saksische koningen, de Hofkirche, het Japanisches Palais, niet te vergeten de Zwinger en ook de buitenpaleizen in Pillnitz.
Weimar heeft voor ons de klank van de korte, veelgeplaagde Weimarrepubliek tussen 1918 en 1933, maar voor Duitsers ademt de naam de sfeer van de 'Weimarer Klassik': de grote klassieken van de Duitse literatuur vonden in de groothertog van Saksen-Weimar een gretig mecenas, zoals Wieland, Herder, Schiller en Goethe, die zelfs minister was. In de 19e eeuw zorgde een andere groothertog voor een toestroom van kunstenaars waarvan Franz Liszt de bekendste is. En na 1900 maakte minister Harry Kessler van Weimar een centrum van Art Nouveau door Henry van de Velde aan te trekken. Diens kunstnijverheidsschool ging in 1919 Bauhaus heten, wat voor de laatste keer zorgde voor een toestroom van befaamde kunstenaars: Gropius, Kandinsky, Klee, Schlemmer en Itten.
Buiten Weimar en Dresden kent Saksen nog vele steden met een roemruchte geschiedenis, zoals Jena en Leipzig, of met bijzondere monumenten, zoals het (latere) Bauhaus in Dessau, de porseleinfabriek van Meissen en de kathedraal van Naumburg.

 

 

München
De hoofdstad van het Zuid-Duitse Beieren is onbekend en onbemind bij het Nederlandse publiek.Toch is het een van de grootste reservoirs aan Europese kunst, zowel binnens- als buitenshuis. De hertogen Wittelsbach die het Beieren bestuurden sedert de middeleeuwen lieten weliswaar fraaie paleizen en kerken oprichten, maar de grote stoot opwaarts kwam met de komst van Napoleon, die het hertogdom fors uitbreidde en tot koninkrijk verhief. De tweede koning, Ludwig I, maakte van München een 'Isar-Athen' door grote pleinen en boulevards in de stad te laten volbouwen in eerbiedwaardige bouwstijlen uit het verleden. Particuliere en overheidsgebouwen in Griekse, Romeinse, Vroegchristelijke, Byzantijnse en Florentijnse en Venetiaanse Renaissancestijl maken de stad tot een waar architectuurmuseum. Onder de 'Prachtbauten' is een handvol grote musea voor de enorme kunstcollectie van de Wittelsbach, waar Ludwig honderden kunstwerken uit de oudheid en de Renaissance aan heeft toegevoegd. Buiten de Residentie (met het beroemde rococotheater) verbouwde hij ook nog de grote buitenpaleizen Nymphenburg en Schleissheim.
Begin twintigste eeuw resideerde Franz von Stuck als Künstler-Fürst in zijn zelfgebouwde villa in München en richtten Kandinsky en Marc er de kunstenaarsgroep Der Blaue Reiter op. De nazi's namen bezit van de stad met hun eigen vorm van classicisme, waar nog wat onopvallende voorbeelden van zijn blijven staan. De naoorlogse faam van München is vooral te danken aan de spectaculaire stadions voor de Olympische Spelen van 1972.

 

 

Venetië
Het Amsterdam van het zuiden in een complete cursus, vanaf het ontstaan van de Serenissima Reppublica di San Marco en de kolonies in Griekenland tot de ontmanteling door Napoleon, de inlijving bij Italië en de nabloei als toeristen- en kunstenaarsstad (van Turner en Ruskin tot de Biënnalepaviljoens en het Filmfestival).


Barcelona
Gotiek, barok en Modernisme
De hoofdstad van Catalonië kent een rijke bouwgeschiedenis, die haar hoogste top bereikte rond 1900, met het Modernisme, het nationalistisch geïnspireerde art-nouveau-totaalkunstwerken van Gaudí en zijn tijdgenoten. De gotische erfenis en de barok waren hun inspiratiebronnen. Met twee grote wereldtentoonstellingen probeerde de stad zich op te stoten in de vaart der volkeren. Veel bouwwerken in 'nationale' stijl getuigen daar nog van, hoewel het befaamde - en herbouwde - Duitse paviljoen van Mies van der Rohe de tijdgeest beter aangaf.
In drie lessen schetst Michel Didier de geschiedenis van Barcelona, van de middeleeuwen tot de twintigste eeuw, met de nadruk op het Modernisme van Antoni Gaudí i Cornet, Josep Puig i Cadafalch en Lluís Domènech i Montaner.

 

Het Moorse Andalusië
Na de dood van Mohammed verspreidden de Arabieren zijn leer te vuur en te zwaard over een groot deel van Azië, Afrika en Europa. In de vroege Middeleeuwen, toen de Europese ridders nog ongeletterd bibberden in schaars verlichte kastelen en sobere kloosters eilandjes van cultuur en educatie waren, bloeide rond de Middellandse Zee de Arabische cultuur in een verfijnde pracht die eeuwenlang zonder weerga is gebleven.
Nadat het Iberisch schiereiland door de geïslamiseerde Moren in bezit was genomen, vestigde een Arabische prins er het kalifaat van al-Andalús, dat in praal en beschaving Bagdad naar de kroon stak. De grote moskee van Córdoba en de ruïnes van Medina al'Zahra zijn er de stille van welsprekende getuigen van. Na het verval bloeit de Moorse cultuur in de late middeleeuwen weer een paar keer op, hoewel de herovering van de christenen onvermijdelijk is. Na de verovering van Sevilla en Córdoba vestigen vele vluchtelingen zich, met meename van hun cultuur, in het Marokkaanse Fez.
De christelijke koningen laten het vorstendommetje Granada en Málaga voortbestaan. Pas tweeënhalve eeuw later nemen de Katholieke Koningen Ferdinand en Isabella het laatste restje islamitisch grondgebied in West-Europa in, maar ze laten het grandioze paleizencomplex van het Alhambra intact.
Cursus van drie lessen.

 

Arabische steden
Noord-Afrika was in het begin van de jaartelling Romeins bezit. Afgezwaaide soldaten kregen na tien of twintig jaar dienst een lapje grond en zo ontstonden talloze kolonies. Na de val van het Romeinse Rijk namen afwisselend Germanen en Byzantijnen bezit van het gebied, totdat de Arabieren er definitief bezit van namen.
Zij bouwden schitterende moskeeën, medersa's (koranscholen) en verdedigingswerken in de Romeinse steden.
In de negentiende eeuw koloniseerden vooral Frankrijk, Spanje en Italië de hele Afrikaanse noordkust. Egypte werd uiteindelijk een Engels protectoraat, hoewel de Franse invloed zich vooral in culturele aangelegenheden liet gelden. Het grootste museum van Afrika, het Nationaal Museum in Caïro, is door een Frans architect gebouwd voor de Franse directeur.
Tunesië was een van de welvarendste Romeinse provincies en ook uit in de Arabische en Franse tijd zijn vele fraaie overblijfselen, zowel in de cultuur als in de bouwkunst.
In hun protectoraat Marokko gooiden de Fransen de overvolle, middeleeuwse steden niet plat, maar bouwden ze nieuwe steden naast de oude ter ontlasting. Fez en Meknès zijn de belangrijkste; in Casablanca lieten ze vooral art-deco-architectuur achter en twee fraaie moderne kathedralen.
Fez of Fès bestaat eigenlijk uit drie steden: het nieuwe Fez (de moderne stad) dateert uit de tijd van het protectoraat en is voornamelijk in art-decostijl opgetrokken. Fès-el-Jedid werd gebouwd in de dertiende eeuw door de Meriniden en het oude Fez, Fès-el-Bali, werd gesticht door Idriss II in 809 en is daarmee de oudste middeleeuwse islamstad. Hier bevindt zich de mooiste en wellicht best bewaard gebleven medina van Marokko.
Fez is beroemd om zijn handelaars en ambachtslui en is altijd een van de vermaardste steden van de islamitische wereld geweest. Hier werd de eerste van de grote universiteiten opgericht, ruim voor Oxford en Parijs. Fez was een stad van theologen en geleerden en later, met de massale immigratie van de Spaanse moren, ook een stad van Andalusische kunstenaars, handelslui en waarzeggers. Vandaag de dag is het de culturele hoofdstad van Marokko en een van de belangrijke religieuze centra. De stad wordt wel beschouwd als 'het Afrikaans Athene'.